logo beemster werelderfgoed

schets landgoed Vredelust

Rustenhove aan de Volgerweg

Foto NH-kerk in Middenbeemster

Museum Betje Wolff aan de Middenweg

DECEMBER 2000    het prille begin    oud en nieuw in evenwicht    vanaf 1870    home


In december 1999 werd Beemster Werelderfgoed. Unesco noemde de kaarsrechte verkaveling én de ontstaansgeschiedenis van Beemster uniek in de wereld. Het hedendaagse landschap is sinds de drooglegging (1612) nagenoeg hetzelfde.
De huizen zijn in de afgelopen eeuwen wél veranderd.
In deze nieuwsbrief laten we - in vogelvlucht - een aantal Beemsterpanden zien.

Prille begin


In 1607 nam het Hof van Holland een besluit: Beemster wordt drooggelegd. Rijke Amsterdamse kooplieden financierden met VOC-opbrengsten het project en lieten immense buitenverblijven bouwen. Zij en de boeren waren de eerste bewoners van Beemster. De boeren bleven, de kooplieden vertrokken. Meer dan vijftig buitens bleven achter en werden uiteindelijk gesloopt.

Hoe zo’n Beemsterbuiten er in dat prille begin uitzag, illustreert de gravure van de buitenplaats Vredenburgh. In 1644 bouwde Pieter Post dit paleisachtige pand. Eigenaar Frederik Alewijn verbleef er enkel zomers; de boerenfamilie die het buiten beheerde, woonde in de nabijgelegen boerderij.

Symmetrie vind je in het in 1665 gebouwde Rustenhoven, ooit het voorhuis van zo'n buiten. De voorgevel is strak en ritmisch ingedeeld. De decoratie is conform het Hollands classicisme bescheiden; alleen versierselen langs de deur en op de ankers. De stijl doet denken aan de panden in de grote steden. Logisch, want de opdrachtgevers waren welgestelde Amsterdammers.

Middenbeemster
In 1618 kreeg Middenbeemster z'n eerste contouren. Hendrick de Keyzer ontwierp de in 1623 voltooide kerk. De toren volgde in 1661; naar ontwerp van Pieter Post. Naast de kerk zijn twee stenen kamers. Een voor de Kerkenraad, de ander is de stovenkamer. Beide kamers zijn nog in tact.

De oudste pastorie van Beemster is nu in gebruik door Museum Betje Wolff. Het in 1665 gebouwde pand heeft een sober-classicistisch uiterlijk. In dit huis woonde schrijfster Betje Wolff; zij schreef vanuit het zolderkamertje onder andere brieven aan haar vriendin Aagje Deken. Hoe zij en andere Beemsterlingen ooit leefden, is te zien in dit museum.

Beemster in de 21e eeuw is een eigentijdse agrarische gemeente met een groeiend inwonersaantal. Gebouwd werd en wordt er met respect voor de omgeving. "Oud en nieuw zijn in evenwicht", zeggen deskundigen op pagina 2. Op pagina 3 leest u meer over de bouw vanaf 1870. Op de laatste pagina ziet u een kaart met alle besproken panden. De meest karakteristieke gebouwen van Beemster zijn de stolpboerderijen. Deze boerderijen krijgen een eigen nieuwsbrief. Want dat zijn ze waard.